Menu

NWVT Lezingen en NWVT ALV

Woensdag 15 november a.s. organiseert het bestuur van de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging van Tandartsen haar jaarlijkse vergadering met o.a. de volgende presentaties:


Uitreiking en presentatie NWVT WTA Hamer Duyvenszprijs 2017

De NWVT WTA Hamer Duyvenszprijs wordt jaarlijks uitgereikt voor het beste proefschrift dat ook relevant is voor de tandarts algemeen practicus.
Arie Hoeksema ontvangt voor zijn proefschrift – Oral Health in frail elderly – de NWVT WTA Hamer Duyvenszprijs 2017. De presentatie van Arie Hoeksema behandelt de inhoud van zijn proefschrift.

Uitreiking en presentatie NWVT-TP Masterscriptieprijs 2017

De NWVT - TP Masterscriptieprijs wordt uitgereikt voor de beste masterscriptie. De inhoud van de scriptie is van belang voor de tandarts algemeen practicus.
Korte presentatie door de winnaar van deze prijs: Vera Verploegen – Erosieve gebitsslijtage, wat weten jongvolwassenen hierover en hoe wensen zij tandheelkundige informatie te ontvangen? 
 

Algemene Leden Vergadering NWVT

Bekijk de volledige agenda en stukken op de pagina Algemene Leden Vergadering NWVT


Sprekers:


Dr. Arie Hoeksema 

 
Arie Hoeksema (1963) heeft in Groningen aan de RUG tandheelkunde gestudeerd waar hij in 1991 als tandarts afgestudeerde, vervolgens heeft hij zich in 1993 gevestigd als tandarts algemeen practicus in Winschoten.
Onder zijn leiding is de praktijk uitgegroeid tot een groot, modern en veelzijdig tandheelkundig centrum.

Naast de algemene praktijk is hij sinds 1991 werkzaam in de tandheelkundige zorg aan kwetsbare ouderen in diverse verpleeghuizen in zijn regio. In 2016 is hij vanuit de afdeling MKA en Bijzondere Tandheelkunde van het UMCG gepromoveerd op het proefschrift getiteld:
Oral health in frail elderly”.

Hij verzorgt post doctorale nascholing voor tandartsen, mondhygiënisten, huisartsen en andere zorgverleners in het gebied van de mondzorg voor ouderen. Daarnaast is hij gastdocent verbonden aan de RUG en Hanze Hoogeschool voor de colleges gerodontologie van de opleidingen mondzorgkunde en tandheelkunde in Groningen. Naast de zorg voor kwetsbare ouderen en de algemene praktijk heeft hij zich tevens breed geschoold in het vakgebied  van de orale implantologie, slaapgeneeskunde (slaap apneu) en de geriatrie. Op het gebied van de implantologie richt hij zich voornamelijk op de prothetiek en is daarvoor bij de NVOI geregistreerd als TSVI-p. In 2014 werd hij door de NVGD erkend als Tandarts-Geriatrie en in 2016 door de NVTS als Tandheelkundig Slaapgeneeskundige. En vrij recent houd hij zich bezig met de landelijke richtlijn ontwikkelingen mondzorg in het domein ouderen binnen Kennisinstituut Mondzorg als lid van de raad van advies.




Proefschrift: Oral health in frail elderly

Op 14 december 2016 promoveerde collega Arie Hoeksema op het proefschrift getiteld Oral health in frail elderly. Het proefschrift bestaande uit een verzameling van multiple publicaties en artikelen laat zien dat de mondgezondheid voor ouderen een belangrijk thema moet zijn de komende jaren; niet alleen binnen de tandheelkunde maar ook in de ouderen geneeskunde en de wereld van de apothekers.

De vergrijzing zal een enorme groei van gezondheidsproblemen en zorgkosten voor de samenleving tot gevolg hebben. Mondzorg voor ouderen is een onderdeel daarvan, zeker nu we weten dat veel ouderen kampen met een matige tot slechte mondgezondheid en deze slechte mondgezondheid negatief bijdraagt aan de mate van algemene gezondheid en kwaliteit van leven (QoL).
Het doel van het onderzoek was het vergaren van kennis rondom de orale status en mondgezondheid bij kwetsbare ouderen (>75 jaar), zowel thuiswonende als ook bij verpleeghuis- en verzorgingshuisbewoners, in relatie tot hun algemene gezondheid, kwetsbaarheid en de QoL. Ook werd gekeken naar de organisatie van de zorg. De onderzoekers constateerden dat ouderen geen prioriteit geven aan zaken die minder belangrijk lijken voor hun bestaan zoals o.a. mondgezondheid, wat tot gevolg heeft dat mondgezondheid veelal slecht is, en het bezoek aan mondzorgprofessionals afneemt bij het ouder worden.
Er is een breed scala aan mondzorgproblemen gemeten, zoals cariës, afgebroken tanden en kiezen en tandvleesproblemen bij de kwetsbare ouderen met een eigen gebit, daarnaast zijn er bij ouderen met een kunstgebit veel pasvormproblemen en klachten aangetoond. Voorts blijkt dat edentate ouderen significant vaker gezondheidsproblemen hebben in vergelijking met ouderen die nog eigen tanden en kiezen hebben en of in het bezit zijn van een implantaat gedragen overkappingsprothese. Wanneer men de ouderen indeelt op kwetsbaarheid in de groepen: robuust, kwetsbaar en complex gezond, blijkt dat mensen met eigen tanden en kiezen en ouderen met een overkappingsprothese op implantaten hebben het meest robuust te zijn en een hogere kwaliteit van leven (QoL) scoren.
Op basis van alle bevindingen wordt gesteld dat ouderen boven de arbitraire grens van 75 regelmatig gescreend dienen te worden, bij voorkeur jaarlijks, voor de mondgezondheid in relatie tot algemene gezondheid, cognitie en kwetsbaarheid. Op basis van deze screening zou de individuele mondzorgbehoefte, indien gewenst in overleg met de huisarts, moeten worden ingesteld door de eigen tandarts en mondhygiënist.


Vera Verploegen

In Groningen heb ik de studie tandheelkunde gevolgd, waar ik in juli 2017 mijn tandartsenbul in ontvangst mocht nemen. Inmiddels ben ik werkzaam in twee mondzorgpraktijken als tandarts algemeen practicus. Dit zijn groepspraktijken waar meerdere differentiaties en disciplines binnen de tandheelkunde onder één dak samen komen.
De verschillende patiëntcontacten en in een team werken naar goede mondzorg brengt mij veel werkplezier. Bovendien blijft het vak en ikzelf in ontwikkeling door opdoen van nieuwe inzichten, technieken, theoretische kennis en praktische vaardigheden. Het vakgebied van de endodontologie trekt mijn speciale interesse.
Download CV
Erosieve gebitsslijtage, wat weten jongvolwassenen hierover en hoe wensen zij tandheelkundige informatie te ontvangen?
Erosieve gebitsslijtage is een veel voorkomend verschijnsel onder de jeugd en de jongvolwassenen in Nederland. Aandacht voor dit probleem is vanwege de irreversibele gevolgen noodzakelijk.
Het vragenlijstonderzoek (als onderdeel van ‘Tandheelkundig Onderzoek en Praktijk Noord Nederland’) werd uitgevoerd onder 331 jongvolwassenen (20 tot en met 25 jaar) uit 25 mondzorgpraktijken. Het onderzoek had als doel inzicht te verkrijgen in het kennisniveau over erosieve gebitsslijtage en inzicht verkrijgen in door de jongvolwassenen meest gewenste manier om tandheelkundige informatie te ontvangen.
Uit de resultaten bleek dat er nog veel onbekend is over erosieve gebitsslijtage onder jongvolwassenen, waarbij de kennisscore afhankelijk was van opleidingsniveau en het eerder hebben ontvangen van informatie hierover.
Een gesprek met de mondzorgprofessional ondersteund door schriftelijke informatie op maat wordt door de deelnemers als meest gewenste manier van informeren aangegeven.

Keuze onderwerp
In verscheidenen onderzoeken is de prevalentie van erosieve gebitsslijtage onderzocht. Hierbij kwam naar voren dat al op jonge leeftijd tekenen van slijtage zichtbaar waren. Zoals vaak in de tandheelkunde geldt ook bij slijtage, het voorkomen is beter dan het herstellen ervan.
Om tot gedragsverandering te komen is kennis een belangrijke stap. En zo kwam de vraag op: Is er voldoende kennis over erosieve gebitsslijtage?
Dan zijn de jongvolwassenen een goede onderzoeksgroep, zij zouden inmiddels voldoende kennis opgedaan kunnen hebben door tandartsbezoek, school en ouders. En aan de andere kant worden zij op vele manier als doelgroep voor erosieve producten benaderd. Weten zij hier voldoende van? En hoe kunnen we ze bereiken om informatie over te brengen in de tijd dat apps een grote plaats innemen?