Menu

NWVT cursus: Occlu sense of no sense

Donderdag 11 oktober 2018 van 19.30 tot 21.45 uur - Van der Valk Hotel, Breukelen

Sprekers: 
Hugo Vreugdenhil (Tandarts-gnatholoog)
Dr. Peter Wetselaar (tandarts-gnatholoog/restauratief tandarts/tandarts-slaapgeneeskundige)              


Sprekers:


Peter Wetselaar

Dr. Peter Wetselaar studeerde in 1986 als tandarts af aan de Universiteit van Amsterdam. Sindsdien is hij werkzaam in een algemene praktijk (tevens Verwijspraktijk) samen met zijn echtgenote en collega Miranda Wetselaar-Glas in Heemstede.

Van 2004 tot 2007 volgde hij de postinitiële opleiding Orale Kinesiologie aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA).

Sinds 2011 is hij Chef de clinique van de stafkliniek Orale Kinesiologie van het ACTA, sinds 2016 is hij hoofdopleider van het uitstroomprofiel Orale Kinesiologie van het Postgraduate Masters Programme in Oral Health Sciences.

In 2016 promoveerde hij op het proefschrift the Tooth Wear Evaluation System: development and applications aan de Universiteit van Amsterdam.

Hij is erkend als tandarts-gnatholoog door de NVGPT, als restauratief-tandarts door de NVVRT en als tandarts-slaapgeneeskundige door de NVTS.  



Het belang van een goede occlusie

Occlusie en articulatie is een onderwerp dat terecht in de belangstelling staat van tandartsen. Het belang van een goede occlusie en articulatie laat zich niet makkelijk bewijzen, echter, nuchter en logisch nadenken is gewenst. Een aantal algemene aspecten zal kritisch worden doorgenomen.

Op dit moment is er onvoldoende wetenschappelijk bewijs voorhanden om een specifiek occlusie- en/of  articulatieconcept te adviseren bij restauratieve en/of prothetische behandelingen. Zelfs het veel gehoorde adagium dat hoektandgeleiding superieur zou zijn aan groepsgeleiding kan niet worden bewezen in relatie tot het comfort van de patiënt of de levensduur van restauraties. Wel is er overtuigend bewijs dat occlusie en articulatie geen rol spelen bij het ontstaan of onderhouden van temporomandibulaire klachten of bruxisme.

Door zorgvuldig te werken zijn we in staat duurzame restauraties te vervaardigen passend in de bestaande mondsituatie, waarbij uitvoerig ingrijpen in de occlusie en articulatie door mondzorgverleners veelal niet nodig is.

Leerdoelen:
U kunt benoemen:
  • wet belang is van de grensposities van de bewegingen van de onderkaak
  • wat het verschil en belang is van maximale occlusie en centrale occlusie
  • welke factoren een rol spelen bij de etiologie van bruxisme en TMD

Hugo Vreugdenhil

Na  zijn Gymnasium-B examen in Krimpen aan den IJssel studeerde Hugo Vreugdenhil tandheelkunde aan de UvA. De militaire dienstplicht vervulde hij als tandarts en aansluitend werd hij eigenaar van een tandartspraktijk in Geldermalsen.
Hij volgde de gnathologie opleiding aan het UMC Utrecht en werd benoemd tot tandarts gnatholoog.

Zijn praktijk is uitgegroeid tot een multidisciplinair tandheelkundig centrum met een tandtechnisch laboratorium. Vreugdenhil Tandartsen is een verwijsadres voor gnathologie, implantologie, endodontie, prothetiek en gebitsrehabilitatie.

De speerpunten van Vreugdenhil Tandartsen zijn preventie, kwaliteitsborging en samenwerking.
Naast zijn werkzaamheden als tandarts is Hugo trompettist in een jazzkwintet in Amsterdam.

 

De klinische toepassing van de T-scan, het meten van de timing van het tandcontact.

Tanden en kiezen groeien niet uit totdat ze gelijkmatig op elkaar passen. Met een T-scan zijn we voor het eerst in staat om nauwkeurig en reproduceerbaar de timing van het tandcontact te registreren. Daaruit blijkt dat premature contacten vaak debet zijn aan gnathologische en tandheelkundige problemen. Deze premature contacten zijn op geen enkele andere manier op te sporen en blijven zonder T-scan onopgemerkt. Verder kun je de krachtverdeling over de hele tandboog met een T-scan meten.

Als voorbeeld: Met een T-scan kun je registreren of kostbare tandtechnische werkstukken op implantaten als eerste contact maken of de meeste kauwdruk krijgen. Dat is natuurlijk het laatste wat we willen.

De T-scan is een waardevol aanvullend diagnosticum, ook bij het onderzoek naar pijnklachten uitgaande van het bewegingsapparaat, maar het is geen panacee voor TMD.
De data die je met een T-scan verkrijgt zijn nogal complex, de leercurve is daardoor nogal lang.
In deze voordracht wordt ingegaan op de technische werking van de T-scan, de procedure van het scannen en het analyseren van de data.

Leerdoelen:
Het verkrijgen van:
  • Basiskennis van de technische werking van de T-scan
  • Kennis van de procedure van het scannen met de T-scan
  • Kennis van de analyse van de met een t-scan verkregen data.